De nieuwe Wmo. Eén jaar verder.

Blog 28 januari 2016 3 min. lezen

Nu de uitvoering van de Wmo bij de lagere overheid is neergelegd, zijn gemeenten verantwoordelijk voor het herbeoordelen van cliënten met een AWBZ- en/of jeugdzorgindicatie. Veel gemeenten nemen echter nog onvoldoende de regie. Een gemiste kans.

de-nieuwe-wmo-blog.png

In het bloed

Het welzijn van jeugdigen en volwassenen raakt me. Ik ben dan ook ruim twee decennia actief als hulpverlener. Zorg verlenen zit in mijn bloed. Zorg vraagt om zorg. Dat maakt je een goede hulpverlener. Toch vind ik het in 2015, na twintig jaar, tijd voor verandering. De nieuwe Wmo biedt mij die kans.

Kans van DPA

Na de gerichte opleiding aan de Bestuursacademie, geeft DPA Sociale Zekerheid mij in 2015 de mogelijkheid als Wmo-consulent aan het werk te gaan. Ik grijp deze uitdaging met beide handen aan. En wat een fantastisch eerste jaar wordt het! Ik werk hard en leer veel. Ook kan ik mijn hulpverlenerskwaliteiten inzetten in mijn nieuwe werk. Wat wil een mens nog meer?

Zoektocht

Het herbeoordelingstraject is een zoektocht: voor mij als consulent, maar zeker ook voor de ouders. Welke zorg hoort bij welke wet? Wat zegt het beleid van de gemeente hierover? Hoe voeren we het beleid correct uit? Wie neemt welke verantwoordelijkheid? Hoe werkt dat kantelen nu precies? Het vraagt om schakelen en voortdurende overleg met ouders, collega’s en beleidsmakers. Het ‘keukentafelgesprek’ waarin de afstemming plaatsvindt met de ouders is altijd heftig en tegelijk voor mij een superleuke uitdaging. Door mijn achtergrond als hulpverlener kan ik snel de juiste inschatting maken van de benodigde zorg.

Goed gesprek

Er zijn drie ingrediënten nodig als basis voor het keukentafelgesprek: matchen, bekrachtigen en erkenning geven. De combinatie van de drie zorgt voor een constructief gesprek en is de beste garantie voor een goed gesprek. De volgorde van de ingrediënten maakt hierbij niet uit. Ik merk vaak dat ouders zoekend zijn en dat zij de snelheid waarmee wet- en regelgeving verandert simpelweg niet bij kunnen houden. Dit zegt niets over de kunde van een ouder, maar meer over de sterk veranderde aard van het werkveld.

Het lijkt eenvoudig

Door zelf goed op de hoogte te blijven kan ik ouders goed voorlichten. Soms betekent dit niet meer dan gewoon even een telefoontje plegen naar de SVB omdat het PGB nog niet is gestort. Of de tijd nemen om ouders uit te leggen hoe de verandering in elkaar zit en welke gevolgen dit heeft voor hen en hun kind. Hierdoor ontstaat er snel wederzijds begrip. Het lijkt allemaal zo eenvoudig, maar helaas is de praktijk vaak weerbarstiger.

Opgelucht

Ouders hebben veel negatieve ervaringen gehoord over de keukentafelgesprekken. Ze zien er vaak tegenop maar zijn vervolgens zichtbaar opgelucht als blijkt dat ik uit de praktijk kom en hun problemen ken. Er wordt menig traan gelaten in de gesprekken. De spanning komt er bij ouders vaak uit: hun verhaal vertellen aan een ‘vreemde’ maakt veel emoties los.

Regie houden

Veel gemeenten besteden de uitvoering van de Wmo – en dan met name het indiceren van de jeugdzorg – uit aan jeugdzorg instanties en GGZ-organisaties. Zij raken hiermee de controle kwijt. Ik vind dit een gemiste kans en pleit ervoor dat gemeenten de regie houden. Elke gemeente is naar mijn mening in staat de indicaties zelf uit te voeren. Dit is ook hoe de wetgever het heeft bedoeld. De gemeente heeft hiervoor ‘slechts’ de juiste mensen nodig en die zijn er zeker! Een vast team van generalisten dus, dat waar nodig wordt aangevuld met externe specialisten. Een team dat de verbinding zoekt, kennis deelt en open staat voor elkaars feedback. Maak de gemeente weer regisseur!

Ik kijk met veel plezier uit naar het komende jaar en de boeiende projecten die op de rol staan. Wellicht tot ziens!

Neem contact op met Maureen

Regiomanager Stuur een bericht